Je moet Otrobanda doorkruisen, de wijk van Willemstad die lang in de schaduw van Punda stond, om het Kura Hulanda Village en zijn museum aan Klipstraat 9 te bereiken. De plek beslaat gebouwen uit de achttiende en negentiende eeuw, gerestaureerd rond binnenplaatsen, op de plaats waar vroeger slavenschepen aanmeerden om hun menselijke lading te verkopen op de naburige slavenmarkt.
De tentoonstelling volgt de geschiedenis van de trans-Atlantische slavenhandel, van de gevangenneming in Afrika tot de gedwongen vestiging in de Amerika's, met onder meer een beloopbare reconstructie van het ruim van een slavenschip, kettingen en boeien inbegrepen. Het museum toont ook een grote collectie Afrikaanse kunst, Mesopotamische relieken en precolumbiaanse objecten, het resultaat van tientallen jaren verzamelen door de Nederlandse ondernemer Jacob Gelt Dekker, die het museum in april 1999 opende na deze toen vervallen gebouwen te hebben gekocht en gerestaureerd.
Het is vandaag een van de belangrijkste musea in het Caribisch gebied over de geschiedenis van de slavernij op Curaçao, en het bezoek loopt vanzelf over in een wandeling door de steegjes en binnenplaatsen van het village, tot aan de omgeving van de Koningin Emmabrug. Reken op een goed uur voor de tentoonstelling, meer als je de tijd neemt om in elke gerestaureerde binnenplaats stil te staan. Je komt er zelden onbewogen uit, maar altijd met meer inzicht in wat deze stenen hebben gezien.